Column Kunst is therapie

 

 

14 december 2014

Jean-Paul Kruk

 Kunst is therapie

 

“Hij gebruikte kunst om van mij te houden en mij te helen.’’

Annie Nielsen over Chris Nielsen (acteur Robin Williams) in de film What Dreams May Come

 

Kunst ligt, soms letterlijk, op straat. Geïntegreerd in de publieke ruimte.  Vooral in de zomer. Van Juli-dans, het Vondelpark Openluchtheater  tot Oerol en de Parade. De Uitmarkt is de ouverture van het culturele seizoen. Maandenlang laven we onszelf aan muziek, zang, dans en theater. Kunst ontroert, raakt ons hart, diep in onze ziel. We kunnen bevangen zijn door schoonheid in haar puurste vorm:  het Stendhal syndroom. Een kunstwerk (ook levend: Paola, Amsterdam) kan ons intens beroeren. Net als muziek, een dans of een toneelstuk. Kunstenaars, dansers en acteurs tonen ons niet de werkelijk- heid, maar een aangepaste versie.  Ze vergroten (uit). Prikkelen onze fantasie en verbeeldingsvermo-gen. Kunstenaars spelen met ons brein, zorgen voor reuring in ons leven …

In het voorjaar-najaar 2014 was er, out of the blue, de verrassende  tentoonstelling Art is Therapy van de filosoof/auteur Alain de Botton, gastconservator met Joan Armstrong, in het Rijksmuseum, in Amsterdam. Een favoriet kunstwerk lijkt een stemming weer te geven, een idee te vangen of om je te leven aangenamer te maken.  De Botton nam een aantal  beroemde schilderijen  uit de Gouden Eeuw en de 20e eeuw  onder de loep.  In een serie ansichtkaarten beweert hij dat je een ansicht, als een deel van je innerlijk leven, aan een andere persoon kunt sturen.  De kaart brengt  je een ervaring  en leert je een les. Thuis en in de rest van ons leven , waar ze ook eigenlijk horen.  Een kunstwerk kan ons  emotioneren. Het kan ons echter ook troosten, net als het befaamde bakkie troost (tv-programma), koffie, na een uitvaart. Sterker nog, het kan ons in tijden van crisis, tegenslagen in ons leven,  genezen. Een wandeling door het museum kan je leven een beetje lichter maken.  Dit is een kans om de therapeutische kracht van kunst te ervaren. Beleving van kunst als therapie.  Net als liefde, compassie (zie mijn vorige column) en muziek  ‘helers’ kunnen zijn. Centraal in deze tentoonstelling staat niet (kennismaken met de) kunst, maar jezelf:  jouw ambities, jouw teleurstellingen,  jouw ergernissen en jouw verlangens. Daarover heeft kunst vaak specifieke en nuttige dingen  te zeggen. Werken aan je fysieke conditie in een fitnesscentrum lijkt echter voor sommige mensen een lagere drempel  dan aan je persoonlijkheid werken door een expositie in een museum te bezoeken. Cultuurbarbaren … Grapje! Iedereen in zijn, haar waarde laten … Fysiek fit zijn is een must!

Joep Dohmen , schatplichtig aan Nietzsche, gaat een stapje verder in zijn boek, met de notie Je leven als kunstwerk. Een levenskunstenaar slaagt erin zijn persoonlijkheid  tot een samenhangend karakter te ontwikkelen. Prototype? Goethe, die zichzelf schiep.  Dit boek sluit aan bij een hype, een trend, die zich onder senioren aftekent: het samenstellen van een zogenaamd Levensboek. Een mensenleven, persoonlijk en professioneel, in kaart gebracht.  Een zichtbaar souvenir aan iemands leven. Wat hij, zij heeft betekend, een “erfenis” voor zijn medemensen, hoogte- en dieptepunten, in woord en beeld. Teksten, verhalen, etc. gelardeerd met foto’s,  illustraties, enz. Mensen willen iets blijvends nalaten voor hun nabestaanden. Zo appelleren De Reὒnie en Het mooiste meisje in de klas, refererend  aan een  roemrucht schoolverleden,  en  Memories, een  tv-portret over vakantieliefdes, ook aan memorabele momenten uit het verleden  van mensen. Dementerende ouderen horen muziek uit hun jeugd.  Ze  vieren hun geluksmomentje. Naast een bezoek aan een tentoonstelling in een museum, kan  zo’n Levensboek mensen, helen.  Een liefdesbeleving, na een ’ trip on memory lane.’ Kunst is therapie!

Jean-Paul Kruk

 Reageren? e-mail:

 

 

 

 

 

 

 

Column Wie oren om te horen heeft

 

 

16 november 2014

Amarja Bol

Wie oren om te horen heeft …. 

 “Wat zou ik graag een keer het megalomane standbeeld van de voormalige dictator van Turkmenistan, Turkmenbasi, in het echt zien”; zei ik. “Wat is dat toch, die fascinatie van jou voor foute regimes?” verzuchtte Michiel. Moet hij zeggen; hij is in het geboortehuis van Stalin in Gori geweest. De “Grote Baas” wordt daar nog steeds vereerd, wel heeft museum één klein kamertje ingericht waarin er iets over, laten we zeggen, de minder leuke kanten van Stalin wordt verteld.

Ja, wat is dat toch? Voor mezelf heb ik het volgende als verklaring: het is belangrijk je als mens via alle mogelijke bronnen op de hoogte te stellen van hetgeen er aan slechts in de wereld gebeurt opdat regimes weten dat ze niet ongezien hun gang kunnen gaan. Maar ik vrees dat Freud er iets minder verheffend van zou maken.

Hoe vulgairder de propaganda hoe lekkerder eigenlijk hoorde ik Sander van Hoorn, Syrië correspondent, op 5 november op radio 1 zeggen. Tijdens de koude oorlog heb ik menig Oostblok land bezocht en stuitte daar geregeld op opvallende leugens en propaganda. In de DDR was óveral propaganda, op school, op het werk en ook op straat waar banieren met juichende kreten het goede leven in de socialistische heilstaat bezongen. Toch was het volk niet blij met de antifaschistischer Schutzwall. De muur is inmiddels weg en de DDR bestaat niet meer.

Precies 25 jaar later, op 9 november 2014, zitten Michiel en ik in de Singelkerk om naar de leek Dries van Agt te luisteren tijdens de “Preek van de Leek.” Het thema van de dienst is “onheil in het heilige land.” We hebben net de Bijbellezing uit het Oude Testament (!) gehoord over koning Achab (1Koningen 21 vers 1-20). Achab wil de wijngaard van Nabot hebben, hij ligt zo mooi naast zijn paleis. Maar Nabot zegt; De HEER verhoede dat ik de grond die ik van mijn voorouders heb geërfd aan u zou afstaan” Vervolgens wordt Nabot om het leven gebracht en neemt Achab de wijngaard in bezit. Dan stuurt De HEER Elia op Achab af om hem eens flink de waarheid te vertellen. Op dat moment wordt de kerkdienst ruw verstoord door pro-Israël lobbyisten. Er word een spandoek op gehangen met “Van Agt; de joden zijn jou zat!” Raar, ik heb toch echt altijd geleerd dat je een scheiding moet maken tussen de staat Israël en de joden. Er worden woorden geroepen die absoluut niet in een kerk(dienst) thuis horen. De sfeer is zeer dreigend en de politie moet er aan te pas komen voor we weer verder kunnen gaan. Ik heb zelfs in het Oostblok nog nooit zoiets engs meegemaakt. Met de schrik in de benen luisteren we later naar het emotionele betoog van Dries van Agt. Mooi vind ik het verhaal van moeders die bij de checkpoints gaan staan zodat de jonge soldaten zich beter gedragen. Het slotlied “U zij de glorie” wordt door iedereen uit volle borst meegezongen.

Ik heb gelezen dat het gouden standbeeld van Turkmenbasi is verplaatst van het centrum van de stad naar een park buiten het centrum. Ook draait het beeld niet meer, zoals vroeger, met de zon mee.

Wie oren om te horen heeft....

Henny Ridderikhoff

 

 Reageren? e-mail:

 

 

 

 

 

 

 

Rousseau en de Molen van Sloten

 

 

2 november 2014

B.S.

 

Rousseau en de Molen van Sloten

 

Is uw columnist het spoor even bijster om twee totaal verschillende gebeurtenissen/verschijnselen boven dit stukje te plaatsen? Een zeer locaal gebeuren: de 20ste ‘geboortedag’ van de Molen van Sloten en een zeer internationaal gebeuren: de herdenking van de 300ste geboortedag van de Franse filosoof Jean -Jacques Rousseau ?.
Laat ik beginnen bij een trekpleister voor vele buitenlandse toeristen: De Molen van Sloten.
Ter gelegenheid van het 20 jarig bestaan heeft Stichting van de Molen van Sloten een zeer boeiende en informatieve DVD uitgebracht onder de enigszins raadselachtige naam: de kammen in het rad. De energie die de wieken genereren worden via de kammen van een rad naar het inwendige van de molen getransporteerd; kammen die onderling allemaal verschillen in vorm en grootte. Bij de presentatie van deze DVD ging er bij de aanwezigen een lampje branden. Alle 80 vrijwilligers zijn heel verschillend qua karakters, leeftijden,werkwijzen en de taken die zij uitvoeren;gelijk de kammen van een rad! Dit gegeven werd niet als lastig maar als heel positief ervaren.
Van de internationaal bekende filosoof en pedagoog Rousseau worden zijn boeken nog steeds gelezen. Rousseau zette zich onder meer af tegen een samenleving die kinderen en volwassenen op een lijn plaatste. Kinderen verschillen sterk van volwassenen en kinderen zijn onderling ook sterk verschillend. Kinderen worden - aldus Rousseau - tweemaal geboren. Na de biologisch geboorte vindt er aan het begin van de puberteit als het ware een ‘tweede’ geboorte plaats. Elk kind ontdekt dan op een gegeven moment dat hij of zij een individu is, een unieke persoonlijkheid ook wel de ontdekking van het eigen IK genoemd. Wie ben ik? Ken ik mijzelf wel? Waarom ben ik anders dan de mensen uit mijn omgeving? Ben ik een uniform radertje van een tandrad of mag ik een individuele kam van een molenrad zijn? In de eerste brief van Paulus aan de Korintiërs kwam ik de volgende zin tegen:” Een lichaam is een eenheid die uit vele delen bestaat: ondanks hun veelheid vormen al die delen samen één lichaam” (hfst 12 vers 12). Ben ik het spoor nog bijster? Ik droom dat ik op een driesprong sta en een molen zie draaien, Paulus hoor preken en Rousseau op een bankje aan de kant van de weg een boek zit te lezen. Mensen mogen verschillend zijn!
Gelijk de verschillende functies en delen van een menselijk lichaam..

B.S.

 

 

 

 Reageren? e-mail:

Column Lieve Amsterdammer.nl

 

 

21 september 2014

Amarja Bol

Lieve Amsterdammer.nl

Ben je bezig met een leuke activiteit of voer je een goed gesprek dan vliegt de tijd. Als je alleen bent en je ook nog eenzaam voelt dan kruipt de tijd voorbij. Met dat in het achterhoofd moeten de organisatoren van “de week tegen de eenzaamheid” besloten hebben dat die week van donderdag 29 september tot en met zaterdag 4 oktober zou duren. Daarmee wordt uitgedrukt hoe lang eenzame weken kunnen duren. Leuke vakantiereisje van een week met 10 dagen zou iedereen wel willen.

Ik wilde graag naar de tentoonstelling “dineren met de tsaren” en had iemand uitgenodigd om mee te gaan. Samen iets ondernemen is vaak leuker dan alleen. Als ik alleen gegaan was, dan was ik na het museumbezoek waarschijnlijk snel weer naar huis gegaan. Nu dronken we nog een kopje thee in de Hoftuin. Daar werd het “Kom erbij festival”gehouden in het kader van de week tegen de eenzaamheid. Druk was het er op dat moment zeker niet. Eenzaamheid heeft waarschijnlijk ook veel kenmerken van een vicieuze cirkel, die niet even door een festival doorbroken wordt.

Bij Kerk in Mokum kreeg ik een blauwe kaart met de tekst:” Lieve Amsterdammer…. (De rest moest ik zelf aanvullen.) En laat deze kaart weer ergens achter!” Ook een actie in het kader van die lange week tegen de eenzaamheid. Gelukkig heb ik nergens zo’n kaart zien liggen of gevonden. Want zolang zo’n kaart niet door iemand gevonden is en meegenomen is het gewoon zwerfafval. Zwerfafval is er voldoende in de stad. Het trof me zo omdat ik met de commissie Vorming en Toerusting juist avonden over Kerk en Milieu georganiseerd had. Nadenken vanuit het geloof over verspilling en duurzaamheid, over de verbanden met de tegenstelling rijk en arm.

Als u dit leest is die lange week net voorbij, maar de eenzaamheid nog niet de wereld uit. Dat lukt ook niet snel, maar een beginnetje maken door contact te leggen met iemand uit je eigen omgeving waar je weinig contact mee hebt zou kunnen helpen. Het kan een leuke ervaring zijn en wie weet tot welke waardevolle dingen het leidt .

Amarja Bol 

 

 Reageren? e-mail:

 

 

 

 

 

 

 

Column Laat hèm besturen

 

 

21 september 2014

Robert-Jan Bakker

Laat hèm besturen

Met iedere auto die de fabriek verlaat, wordt er weer een stukje van God afgebroken. Die uitspraak deed de schrijver Harry Mulisch ergens zo'n vijftig jaar geleden. Een symposium over God na de dood van God dat de televisie rechtstreeks uitzond.
Als we met z'n allen tegelijk de weg op gaan, al is het lopend, snap je dat verkeer alles met macht heeft te maken. Waar ik ben, kun jij niet zijn. De 'macht over het stuur' hoor je alleen noemen zodra iemand die heeft verloren. Maar tel al die macht eens op als die succesvol wordt gebruikt, op welke manier het ook is. Let ook op de snelheid. Die zet een dikke streep onder de uitspraak van de schrijver. Wij gaan van A naar B gaan en zetten het leven naar onze hand. Niemand bij nodig. Geen God en geen mens.
Natuurlijk, dan is er opeens ochtendmist en vallen in Zeeland doden en gewonden. Pas na een hele dag zijn de wrakken opgeruimd. Zeker, in de file minder vrijheid, maar altijd nog genoeg van over om fijn te blijven sturen. Het rijk alleen. Zit er toch iemand bij, dan is de vraag duidelijk: rij jij of rij ik?
In de titel had ook een hoofdletter H kunnen staan. Dan zit je in een oud lied van de kerk over de Heer die ons leven bestuurt. Goed voor duizend vragen, maar ook voor een onverwachte conclusie. Hij vat zijn manier van besturen nogal ruimhartig op. Staat open voor wie met hem meereizen. Ik rij, maar hoe denk jij dat we het beste kunnen gaan? Bidden heet dat. Onderonsje met een bestuurder met wie je onderweg gewoon mag praten. Die vindt dat je alleen samen de bestemming bereikt.

R.J. Bakker

 

 

 Reageren? e-mail: