Column Geëerd met een naam

10 december 2017

Robert-Jan Bakker

Geëerd met een naam

 

In Amsterdam zijn wel dertienhonderd bruggen die geen naam dragen. Sommige hebben die een tijd lang al wel, zoals de Blauwbrug bij de Stopera. Pas kortgeleden kwam ik aan de weet dat de ontwerper daarvan, de architect Springer, nog een brug ontworpen geeft. Die ligt aan het einde van de Emmalaan, waar je het Vondelpark binnengaat. Een paar weken geleden heeft ook die brug een naam gekregen, al heette die in de volksmond Willemsbrug, omdat daar vroeger het Willemspark lag.

Voor bruggen zonder naam kunnen voorstellen worden ingediend. Pauline Brouwer kwam op het idee om er de naam Diaconessenbrug aan te geven. Vlakbij stond het Lutherse Diaconessenhuis, waar haar moeder tot haar huwelijk als diacones aan verbonden is geweest en aan de andere kant van het Vondelpark, aan de Overtoom, stond het Hervormde Diaconessenhuis.

De diaconessen leefden zoals kloosterlingen: zonder inkomen, ongehuwd en onderdanig aan de hoofdzuster en het bestuur. Een leven van totale toewijding, waarvoor zo'n eerbetoon meer dan op zijn plaats is. Het stadsdeel Oud-Zuid had een plechtigheid georganiseerd, waarbij de naambordjes op beide leuningen werden onthuld door de initiatief neemster en de voorzitter van de stadsdeelcommissie en door een luthers en hervormde theoloog, die beiden iets vertelden over de geschiedenis van deze dienstbare vrouwen. Waarbij niet onopgemerkt kon blijven dat dit initiatief nooit genomen zou zijn, als Paulines moeder niet op een dag de liefde van haar leven had ontmoet. Dat betekende in die tijd, zoals voor alle werkende vrouwen, dat er een einde kwam aan het dienstverband, tegelijk met de vervulling van een eigen, persoonlijk leven.

 

R.J. Bakker

 

 

 Reageren? e-mail:

Column Wereldverbeteraars

12 november 2017

Jean Paul Kruk

Wereldverbetereraars

 

“Zalig de vredestichters, want zij zullen kinderen Gods genoemd worden.”| (Mattheüs 5: 9)

Wereldverbeteraars. Hemelbestormers. Luchtfietsers. Idealisten. Komt er anno 2017 nog eens om. Tegelijkertijd met de expositie ‘Wereldverbeteraars’ in de Nieuwe Kerk in Amster dam, verscheen het boekje met dezelfde titel van Bas Heijne. We hebben het over drie iconen: Mahatma (Grote Ziel) Gandhi, ds. Martin Luther King en Nelson Mandela. Zij hebben geschiedenis geschreven. Tot op de dag van vandaag gelden ze als een lichtbaken, een moreel ijkpunt, dat lijkt los te staan van de historische context. Voor de meeste mensen staan ze voor een overtuiging, een morele kracht (incl. moreel gezag) , een voorbeeld voor een ieder die zich verzet tegen de status quo waarbij ongelijkheid in stand gehouden wordt en discriminatie goedgepraat en weggewuifd. Op alle drie laat de ethiek van Jezus, een rolmodel, met name in de Bergrede, zijn sporen na. Hun gedachtengoed was in hun tijd echter niet onomstreden, impopulair zelfs. Wat is hun betekenis, hun relevantie, hun erfenis voor onze tijd?

Hun morele boodschap van geweldloosheid, kalmte, liefde en menselijke waardigheid tegen over ongegronde haat, agressie en blinde woede?

De drie mannen hebben elkaar immers nooit persoonlijk ontmoet, maar ze hebben veel met elkaar gemeen. En hebben elkaar diepgaand beïnvloed. Er lopen veel lijntjes tussen hen.

Ten eerste, waren ze alle drie intellectueel. Studeren, lezen, reflecteren, waren inherent deel van hun DNA.

Ten tweede, hun opvatting over hun eigen gezag. Bij leven groeiden ze uit tot de morele leider van wereldformaat, bijkans iconische figuren, en betekenis krijgen voor talloze mensen die hen niet kenden. Die hun achtergrond en huidskleur niet deelden , laat staan hun strijd.

Ten derde, de belangrijkste band tussen de drie is de figuur Gandhi, de erflaat zelf. Zijn invloed op de twee anderen is bepalend geweest. Hij was de ware revolutionair in het denken over verzet tegen rechtvaardigheid. Alle drie waren ze praktische idealisten, met gogme. Principieel, dan weer pragmatisch of opportunistisch. Al naar gelang de omstandigheden en de context.

De erfenis van deze iconen, hun gedachtengoed (net als dat van de hippies), is juist in onze tijd bij uitstek radicaal., omdat het tegen onze al te menselijke neigingen ingaat. Hun grootsheid schuilt er niet zozeer in dat ze dit gedachtengoed omarmd en ontwikkeld hebben, maar dat ze werkelijk geprobeerd hebben het te verwezenlijken. Opofferingsgezindheid, humaniteit en hoop waren integraal deel van hun levenshouding. Soms lieten ze zich inspireren door hooggestemde, religieuze noties (bijv. de ethiek van Jezus in De Bergrede) en politieke vergezichten (‘I have a Dream’), zo nu en dan raakten ze aan de mystiek, maar ze vergaten de mens nooit. Zij hielden ons, net als Jezus, een spiegel voor. Wij zijn net zozeer een voorbeeld geweest als zij een voorbeeld voor ons zijn. ”De maatschappij veranderen is niet het moeilijkste wat er is, het moeilijkste is jezelf veranderen”, zo sprak Mandela, kort voor zijn afscheid als president van Zuid-Afrika. De erfenis van alle drie is doordrongen van dit besef. Het is ook een opdracht voor ons. Dat het anders kan. Dat het anders moet. Schatplichtig zijn wij aan hen: Mooi, zacht, lief, geweldloos en teder mens, durf te leven!

 

           

Jean-Paul Kruk

 

Reageren? e-mail:

Column Normaal

16 april 2017

Henny Ridderikhof

Normaal

 

Sinds de presentatie van het nieuwe regeer akkoord is ons land op zoek naar de normale, gewone Nederlander. Ik vind dat zelf niet zo boeiend want zoals ik al eerder op deze plaats schreef gaat mijn aandacht van nature uit naar de "speciaaltjes". De module die ik momenteel volg in het kader van mijn opleiding tot Social Worker heet: "psychiatrie voor hulpverleners". Zelden zulke interessante lessen gevolgd. Maar wat bovendien telkens maar weer blijkt is dat de scheidslijn tussen normaal en abnormaal flinterdun is. Wie normaal of abnormaal is hangt af helemaal af van de gehanteerde norm, waar het woord "normaal" natuurlijk van is afgeleid.

"Wie zijn de normale Nederlanders, en vooral; wie dus niet?" vraagt een vriend van mij zich op Facebook af. Is treinconducteur De Smet (Alex van Warmerdam) uit de film de jurk normaal? Hij zegt over zichzelf dat hij een "normale man" is. Maar voor een 'normale man" doet wel erg vreemde dingen!

Ik denk dat borstklopperij van een overheid omdat ze zo goed voor de normale, gewone Nederlander zorgt niet zo gepast is. In mijn ogen is het beschermen van de zwakkeren in de samenleving juist iets waar een overheid zich actief mee bezig dient te houden. En dat moet niet alleen bij woorden blijven maar juist uit daden blijken. Dabar, woord en daad zijn één, heeft Ds. Joost Cohen Stuart erbij mij ingestampt.

Wellicht blijkt door het schrijven van deze column dat ik niet helemaal een normale, gewone Nederlander ben. Maar dan denk ik maar; "ooit een normaal mens ontmoet? En….beviel het?"

Henny Ridderikhoff

 

 

 

Reageren? e-mail: 

Column Voor de goede orde,

10 september 2017

Robert-Jan Bakker

Voor de goede orde

Het was een triest relaas dat de vroegere buurman vertelde over zijn ervaringen in de geloofsgemeenschappen waarvan hij lid was geweest. Tot drie keer toe eindigde zijn betrokkenheid na een opeenstapeling van intriges, fraude en machtsstrijd. Of hij nu nog ergens bij hoorde, was toen mijn vraag. Nee, klonk zeer beslist zijn antwoord. Hij begon er niet meer aan en had besloten zijn christelijke geloof niet meer te delen in een groep.

Een gesprek dat me nog bezig hield, toen ik in juni een bijeenkomst van twee regionale vergaderingen van de Protestantse Kerk in Nederland mocht afsluiten. Wij zaten daar met een niet al te groot aantal afgevaardigden van plaatselijke geloofsgemeenschappen in de regio’s Hilversum en Amsterdam. Het onderwerp waren de voorstellen voor een nieuwe kerkorde die vanaf volgend jaar voorjaar gebruikt zal worden in een nieuwe bestuursstructuur van de kerk. Het verschil met nu zal zijn dat er in plaats van 74 kleinere verbanden elf grote voor in de plaats komen. Met de bedoeling minder mensen te belasten met organisatorische taken, omdat de aanhang van de kerk bijna overal krimpt.

Tegen wie daar waren heb ik gezegd dat zij in hun eigen kerkenraad vast als een buitenbeentje worden beschouwd. Zij hebben de taak om in hun eigen kring de voorstellen voor het grotere geheel te bespreken. Nouja, vertelde een van hen, een half uurtje wilden ze mij daar wel voor geven, maar niet langer, want er waren nog andere, belangrijker zaken te bespreken.

Het is ook niet nodig dat iedereen die de gemeente van het geloof bestuurt zich met de kerkorde bezighoudt. Die is, legde een hoogleraar in het kerkrecht aan zijn studenten uit, voor de ongelukken en gelukkig zijn die meer uitzondering dan regel. In de gevestigde kerk en haar plaatselijke verschijningsvormen kunnen, net als in een vrije kerk of sekte, ook hevige conflicten uitbreken, maar al die lange zinnen over al die verschillende gebieden waarop de kerk zich roert, hebben de nuttige functie samenbindend te werken. Desnoods komt er een speciaal benoemd rechtscollege aan te pas om een conflict te beslechten. Dan hoeft geen plaatselijke gemeente of persoon af te haken, maar ga je, door schade en schande wijzer geworden, verder met de roeping van de Heer, die uiteindelijk de boze stemmen doet verstommen. Vreemde vogels blijven het wel, de leden van de kerkenraad die uit plicht de kerkorde-portefeuille in hun beheer hebben. Sommigen hebben er zelfs aardigheid in. Ze lijken misschien niet goed bij hun hoofd, maar juist zij zien dat zo de schat van het geloof bewaard kan blijven.

 

R.J. Bakker

 

 Reageren? e-mail:

Column The Summer of Love

13 augustus 2017

Jean Paul Kruk

The Summer of Love

 

“ … If You’re Going to San Francisco, Be Sure to Wear Flowers in Your Hair …”

                                                                                                               Scott MacKenzie, San Francisco

 

Ik schrijf de zomer van 1967. The Summer of Love. De wijk Haight-Ashbury in San Francisco. Meeting-point van de hippies. Epicentrum van een beweging die de wereld zou veranderen. Diep in het Golden Gate Park op Hippie Hill moet je zijn: wekelijks vinden er drumcirkels in een waas van wierook plaats. Aan de voet van de heuvel vieren mensen er het leven en genieten van de dahlia’s en de zonsondergang. In het kwadrant San Francisco, Berkeley, Oakland en Santa Cruz tref je de relieken van de hippiedroom aan. Kun je het spoor van de Bloemenkinderen volgen: van pelgrimage naar Hippie Hill, de Haight Ashbury Flower Power Walking Tour tot boerenmarkten, food- en fashion trucks, kunst tot old school Americana, surfers on the boardwalk. Een hip-pie is een persoon de het leven volledig omarmt en vrede, liefde en geluk wil promoten, verspreiden. Lid van een tegenbeweging/-cultuur. Schatplichtig aan de waarden van de Beat Generation. Vrije liefde, pacifisme (Vietnam-oorlog), blote voeten, luisteren naar psychedelische muziek en het gebruiken van geestverruimende middelen(drugs, zoals LSD, marijhuana, enz.). Een walhalla voor anti-autoritaire jongeren. Getooid met bont gekleurde jasjes, vreemde hoofddeksels, wilde haren en vooral veel bloemen (Flower Power), zetten zij zich af tegen hun keurige ouders. Een andere centrale plaats waar zij samenkomen is Monterey, waar in juni 1967 een groot popfestival wordt gehouden. Tot op de dag van vandaag blijft De Summer of Love een inspiratiebron voor onze eigen Nederlandse popfestivals. Kralingen en Pinkpop zijn er een vervolg van. Hippie-plekken zijn bijv. Marrakech, Taghazaout (Marokko) en India (Beatles). Hippie-eiland Ibiza wordt ook geroemd als plek voor vrije geesten en alternatievelingen. Exit: het kapitalistische harnas, positie, status, bezittingen, eigendommen en welvaart. Enter: Iets leuks doen met je leven. Busjes, trucks worden kleurrijk gepimpt. Old school hippies struinen markten en festivals af. Ze zijn de hippie-idealen en Flower-Power gedachte getrouw. Ze proberen de boodschap van liefde, vrede en geluk letterlijk over de wereld te verspreiden. Als een rondwarend aanstekelijk virus. Ook in Nederland valt het niet mee een leven vol vrijheid, blijheid te leiden (en toch … Ibiza-festival, 12 en 13/8, Noordwijk). De filosofie is : Less is more. Back to basics. Naast je afzetten tegen het gezag van je ouders, was er ook bet verzet tegen het corset van het kerkelijk-morele gezag. Het herontdekken- en waarderen van oosterse spiritualiteit. De gemeenschapsgedachte (leven in een commune), duurzaamheid, transformatie, compassie, tot aan expressie, muziek (musical, Hair,) poëzie waren typische hippie-gedachten- en idealen. Er was, is, zoveel hardheid en ellende in de wereld. In de zestiger jaren kwam er een tegenbeweging op gang. Er was grote behoefte aan positiviteit. Peace, Love and Happiness, herleven op een breder vlak. L’histoire se répète: liefde, pacifisme, zachtheid, tederheid, mildheid en schoonheid zijn urgentie in een gebroken wereld. Hoeveel belangstelling is er niet voor fairtrade, voor handgemaakte producten? Voor ambachtelijk en eerlijk eten (eko, bio)? Voor groene energie? Eigenlijk vindt dat alles zijn oorsprong in de idealen van de jaren zestig. Het is een beweging geweest die zelfs nog vele decennia na ons zal doorgolven, 50 jaar na dato en langer: “Save the world, raise a hippie!”  

Jean-Paul Kruk, een moderne hippie

 

 

Reageren? e-mail: