Column Over de regenboog

17 november 2019

Jean Paul Kruk

Over de regenboog

Over the rainbow

 

De regenboog staat symbool voor het Verbond tussen God en de mensen, na de Zondvloed: après nous la déluge, in de Bijbel.

Voor vrede, in de vorm van de regen boog/-vredesvlag (PACE = vrede), voor homoseksualiteit (naast de roze driehoek).Ze komt te voorschijn als er twee soorten weer zijn; als de zon schijnt èn het regent.

Tegelijkertijd. Een bijzonder natuurfenomeen. Felle, heldere, primaire kleuren. Ze markeren ook diversiteit, inclusiviteit en gelijkheid in een populatie, die heterogeen, multi-culti, samengesteld is.  Rijk geschakeerd. Een lappendeken. Een mozaïek vloer.

Stichting De Regenboog, what’s in a name?, bevordert emancipatie, participatie en integratie. Zaterdag 16 november komt Sinterklaas in Nederland aan. Ook nieuwsgierig naar de kleuren van Piet? Of bent u, ben jij de zwarte pieten-discussie inmiddels meer dan zat? Ik wel. Ik heb mij in het begin van het debat al een fervent voorstander van de regenboogpiet  verklaard: Piet in bonte kleuren, maar geen zwart. Tegen de achtergrond van de symboliek in de Bijbel.

De regenboog verbindt God met, aan mensen en daarmee ook mensen aan elkaar. Ver-zoen-ing. Een verbond dat eenheid, saamhorigheid bevordert en polarisatie, verdeeldheid, uitsluit. Laten we eindelijk eens korte metten maken met het hoofdpijndossier Zwarte Piet. Niet het feestje van, voor de kinderen verstoren, maar het ongestoord samen vieren. Mensen van alle kleuren, rassen, soorten en maten. Vogels van divers pluimage. Gezelligheid kent geen tijd! Doet u, doe jij mee? Het is hoog tijd de universele taal van de liefde, van het hart, te spreken (die elke wereldburger spreekt en begrijpt) in een tijd waar het wij-zij Nederland in tweeën verdeelt, waar haat gezaaid word,. In een wereld waar hebzucht, geweld en onverschilligheid de grootste euvels, kwaden lijken te zijn.

Andere associaties zijn bijv. het ezelsbruggetje ROGGBIV, ROGGEBROOD IS Vies, voor de kleuren van de regenboog: rood, oranje, geel groen, blauw, indigo en violet. De regenboogbaby, die een lichtpuntje, een wondertje voor ouders is: geboren na een afgebroken zwangerschap of een moeilijke tijd. Regenboogkinderen, de derde generatie kinderen, zijn gevoelig, liefdevol, vergevingsgezind en magisch. Net als kristal kinderen. Ik moet dan altijd meteen denken aan het “innerlijk kind” in ieder mens: teruggaan naar je kindertijd, je jeugd. Je was spontaan, onbevangen, onschuldig. Het is goed je te verbinden met je innerlijk kind. Het brengt je terug naar je natuur, naar wie je echt bent. Je bent terug van weg geweest. Je komt thuis, bij jezelf..    

 Jean-Paul Kruk

 

Reageren? e-mail:

Column Statler mist Waldorf

14 oktober 2019

Henny Ridderikhof

Statler mist Waldorf

Amarja had een alziend oog. Ik zeg nog net niet: "Amarja was het alziend oog", want ze was een-en -al -oor. Door deze eigenschappen was ze goed in dingen zoals naaien en het bespelen van verschillende muziekinstrumenten. En vanwege deze eigenschappen vond ik het een feestje om met haar een museum te bezoeken, te wandelen of te fietsen. Amarja nam aan dat alle andere mensen net zo genuanceerd konden waarnemen als zij zelf en had dan ook weinig geduld met gewone stervelingen zoals mij, dat was echt wel een dingetje. Daarom ben ik gestopt met het samen met haar musiceren en was ze uiteindelijk onhoudbaar als voorzitter van de ZWO commissie. Ik zelf ben niet van de details maar meer van de grote gebaren. De zeldzame keer dat ik ook eens iets had geknutseld was haar commentaar: "wat jammer dat je het zo slordig hebt gedaan!" Ha, dat hoeft mijn levenspartner niet te zeggen maar van Amarja kon ik dat wel hebben.

Als ik op zondagochtend de Sloterkerk binnen kwam gevlogen maakten mensen automatisch plaats voor mij zodat ik naast Amarja kon zitten. In de ogen van veel mensen moeten wij een wonderlijk duo hebben gevormd. De georganiseerde Amarja, die uiteraard altijd ruim op tijd in de kerk zat, en de drukke chaotische Henny. Toch hadden wij ook heel veel gemeen. Een passie voor taal en boeken, een gedeeld gevoel voor subtiele humor en een bovenmatige interesse in mensen; hun drijfveren en gedrag. Ook waren wij beiden mensenverzamelaars.

Dat mensen verzamelen deden wij uiteraard ook weer op een heel andere manier. Op mijn 50ste verjaardag huurde ik een weekend lang een hostel af zodat al mijn vrienden ELKAAR konden leren kennen. Amarja hield al haar vrienden juist van elkaar gescheiden. Dat werd vooral duidelijk tijdens haar ziekteproces. Ik heb nog nooit iemand zo georganiseerd zien sterven. Iedereen om haar heen kreeg een eigen deeltaak én een tijdslot waarin je op visite mocht komen. Nu wij als rouwende vriendinnen in haar flat aan het opruimen zijn komen we elkaar ineens tegen. Wij blijken elkaar trouwens best goed te kennen, uit de verhalen van Amarja! Soms lijkt het of Amarja er gewoon bij is. Helemaal omdat ze voor iedereen cadeautjes in haar huis heeft verstopt.

Op een goede dag werd Amarja koster in de Sloterkerk. Als zij dienst had ging ik naast haar in de kostersbank zitten, helemaal achter in de kerk. De ideale plek voor het uitoefenen van onze gezamenlijke hobby; mensen kijken! Amarja zorgde voor een thermoskan thee en kopjes. En dan kon het recenseren beginnen. Als een soort Statler en Waldorf uit de muppetshow namen we alles en iedereen onder de loep. Dus als tijdens de kerkdienst uw oren piepten, én Amarja schoot niet uit de bank om uw gehoor apparaat goed in te stellen, kent u nu de oorzaak. Sorry, het zal niet meer gebeuren.

Deze "Statler" mist haar "Waldorf" ontzettend. En dat kan ze nu niet meer met Amarja bespreken en dat is nog het allerergste.

Henny Ridderikhoff

 

 

Reageren? e-mail: 

Column De tuinmetafoor

18 augustus 2019

Jean Paul Kruk

De tuinmetafoor


Hou liefde in je hart. Een leven zonder liefde als een zinloze tuin als de bloemen dood zijn.

Oscar Wilde

Advies van een T U I N:

Cultiveer blijvende vriendschappen / Zaai zaadjes van vriendelijkheid/Luister naar wijs advies / Laat kleine dingen je niet dwars zitten / Excelleer in wat je doet / Neem tijd voor jezelf.

Mijn ouderlijk huis was een étagewoning met vijf kamers. Met een balkon en een tuin. Van woningbouwcorporatie Ons Huis. Mijn tweelingbroer Hans-René en ik hadden ieder een eigen kamer. Luxe. Ik zal nooit vergeten dat we een tuinfeest hadden. Mijn vader Rein had fakkels gekocht. Een feeëriek, visueel spektakel. De tuinmetafoor roept bij mij veel associaties op. Filosofen zijn er dol op: een tuin aanleggen en onderhouden betekent voor hen inspelen op ontwikkeling, gedachten en ideeën. De Hof (= tuin) van Eden in het Paradijs is een model, een proeftuin van hoe het leven bedoeld is. Perfect, prachtig, Een plek van geluk-zalig-heid. Met de levensboom en de boom van kennis van goed en kwaad. De Hof van Gethsemane (Hebr/Aram.: ‘oliepers’) met de Olijfberg, speelt een belangrijke rol in het Evangelie, aan het einde van Jezus’ zijn leven. Etymologisch is het woord ‘tuin’ afgeleid van het Duitse ‘Zaun’, dat omheining betekent. En ook verwant met ‘gaard’, later terugkerend in het Latijnse woord ‘hortus’, Hortus Botanicus, In Amsterdam, maar de mooiste ‘botanische tuinen’ die ik heb bezocht, waren toch in het buitenland.

Meestal met een adembenemend panorama, uitzicht, op de Mediterranée, zo blauw, Toon Hermans. Bijv. in Zuid-Frankrijk: Monaco (ook: Japanse), Èze-village, in Italië: Hanbury (Engelse), op Gran Canaria en Tenerife. In liedjes, “… langs het tuinpad van mijn vader …”, in ‘Het Dorp’ van Wim Sonneveld, in poëzie, gedichten, Jean-Jacques Rousseau, Jane Austen en Emily Dickinson. Zij hadden groene vingers, ik niet. Mijn vader Rein adoreerde tuinieren. Het weekend was voor de tuin.

Ken je de Jordaan, de volksbuurt in Amsterdam-centrum? Afgeleid van het Franse woord ‘jardin”, tuin. Staat ook wel bekend als de “Bloemenbuurt”. Een verwijzing naar de namen van straten, bloemen, die de Hugenoten, Franse immigranten uit Frankrijk, meenamen. Een fenomeen op zich, de tuin. Van siertuin, volkstuin tot groentetuin, waar mensen hun eigen groenten kweken en zelf consumeren. Mij spreekt ook de tekst aan van het liedje: ‘Ik heb een tuintje in mijn hart’ aan. Het wil zeggen dat je hart open gaat, je liefde laat stromen, er bloemen bloeien. Als de bloemen verwelken, verdorren, gaat de liefde dood: partir, c’ est mourir un peu.

Liefde is een reddingsboei, een heler, als een florerende tuin.

De een bouwt bewust een muur om zijn hart heen, omdat het gebroken is. Stelt zich kwets-baar op, is moedig, als hij het venster van zijn hart open zet en liefde toe laat. Je lichaam is een tempel van de Heilige Geest. Moet je geen roofbouw op plegen, maar voor zorgen, het onderhouden. Als een tuin. Je wil(s-kracht) maakt het verschil. Als christenen mogen wij mede-arbeiders in Gods wijngaard zijn. Mensen met een opdracht, met een missie. En route, op weg naar Gods Koninkrijk, het land van de belofte. Het onkruid wieden, zaadjes van liefde en vrede zaaien, mogen we de zoete vruchten van de rijke oogst plukken in een tuin waar rust, harmonie en vrede heerst. Wat een perspectief, wat een vooruitzicht. We mogen het feest van het leven om-arm-en en vieren!

 

Jean-Paul Kruk

 

Reageren? e-mail:

Column Twee geloven op een kussen, dat kan erg interessant zijn!

21 juli 2019

Henny Ridderikhof

Twee geloven op een kussen, dat kan erg interessant zijn!

Het was in de jaren '80, ik was begin twintig en woonde nog maar net in deze stad, toen ik op de markt werd aangesproken door een erg leuke jongeman. Hij vertelde dat er die avond in de buurt een bijeenkomst voor jongeren was waarin gepraat zou worden over de grote levensvragen en hij vroeg of ik ook zin had om te komen. Nou, dat leek mij wel wat. Thuis, op mijn zolderkamertje in de Bestevaerstraat, bekeek ik de meegegeven folder nog eens goed en las dat de bijeenkomst werd georganiseerd door het Humanistisch Verbond. Ik schrok er van. Humanisten, dat waren atheïsten. Ik ging daar echt niet naar toe. Hoe leuk ik de jongeman ook vond.

Inmiddels woon ik 23 jaar samen met mijn lief die zogenaamd "nergens" aan doet. Dat "nergens aan doen" klopt van geen kanten want hij doet veel meer aan goede zaken dan de gemiddelde Nederlander, zeker weten. Hij zet zich zeer actief in voor diverse milieuclubs en heeft een engelen geduld met de oudere medemens, iets waar ik zelf absoluut geen ster in ben.

Ik was vroeger altijd lid van de IKON, tot deze omroep werd opgeheven, en mijn lief is lid van HUMAN. Onlangs had hij kaartjes gewonnen voor het humanistische festival "mag het licht aan?" Ik ging mee en was positief verrast. De onderwerpen die voorbij kwamen waren milieubescherming, wereldburgerschap, het kinderpardon, de oorlog in Syrië, rechtvaardigheid, de Noord-Zuid tegenstelling, vergeving(!) , liefde en zelfs spiritualiteit. Allemaal onderwerpen die mij als lid van de PKN ook na aan het hart liggen.

Ik had destijds dus met een gerust hart naar die bijeenkomst kunnen gaan. En naar die leuke jongen. Maar dan was ik misschien nooit mijn huidige lief tegen gekomen en dat zou wel weer heel erg jammer zijn geweest. Of zou dat dan ook nog goed zijn gekomen? Je weet het niet, Gods wegen zijn immers ondoorgrondelijk?

 

 

 

Henny Ridderikhoff

 

Reageren? e-mail: 

Column Thuishaven

19 mei 2019

Jean Paul Kruk

Thuishaven

God has not promised us a smooth passage, but a safe landing.”

Je levensreis is voor de ene mens een superlange, voor een ander een extreem korte. Op je levenspad zijn er hobbels, valkuilen, zijpaden, kruisingen. Blokkades. Muren, waar je tegenop loopt. Ontmoet je mensen, doe je kennis, ervaring  en vaardigheden op. Wisselen goede, euforische en memorabele momenten zich met slechte, nare momenten af.

De laatste wil je snel vergeten, ook al lukt dit niet altijd. Dan word je in een keurslijf gedrukt. Prestatiedwang. Op school, van je leerkracht, van je ouders. Prestatiedrang: je moet ambitieus zijn, de lat zo hoog mogelijk leggen. Dan zul je het ver schoppen.

Gelukkig kon ik mij ontspannen met een potje voetbal, ravotten, met mijn tweeling broer HR. Mijn moeder Jeanne wachtte ons, als we uit school kwamen, op met een kopje thee. Mijn thuishaven. Veilig, geborgen, op mijn gemak, geliefd. Ik ga nu in op een aan tal betekenissen van het woord ”haven”.

Ten eerste, het ruime sop kiezen, d.w.z. de haven uitvaren. Ik was, wegens omstandigheden, pas 27 jaar toen ik het huis uitging, zelfstandig, ging wonen.

Ten tweede, het juiste midden vinden. In de PKN is er recent een experiment met zgn. “pioniersplekken”. Een alternatief voor de reguliere kerk. Broeden vindplaatsen van creativiteit en heil, zo typeer ik ze. In Kanaleneiland, een multiculturele wijk in Utrecht heb je De Haven. Kerk zijn voor en met de wijk. Kenmerkend is de familiesfeer. Mensen uit de wijk komen er, om dat ze zich er thuis voelen (een haven), gekend en gezien worden. De Bijbelverhalen verbinden de mensen in de wijk met elkaar. In onze wijk hadden we er ook één. Theologen die zochten naar het vormgeven van eigentijds, hedendaags geloven. Bijv. een stilteviering, stiltewandelingen, gesprekken op een plein, een Kerst viering, etc.

Ik woonde regelmatig de stiltevieringen in Coffeemania (Slotermeer) bij. De kick-off, pitch van mijn pleidooi voor (radicale) zachtmoedigheid en authenticiteit was op 30 april 2017. Met ds. Klaas de Lange bereidde ik een stilteviering voor en voerde haar samen uit. Een Powerpoint-presentatie, bijbelteksten, een YouTube-filmpje, muziek, reflectiekaarten/gesprek.

Ten derde, aan zijn eindje vasthouden, d.w.z. zijn standpunt handhaven. Bijv. in de multireligieuze dialoog met andersgelovigen geen water bij de wijn doen, maar je aan je mening, vanuit je christen zijn, vasthouden. Met respect voor de ander, dat wel.

In het zicht van de haven averij oplopen, schipbreuk lijden. Op het laatste nippertje nog verliezen. Herken je dit? Moet denken aan mijn afstuderen voor mijn studie Engels aan de VU in 1991. De eeuwige student, zo leek het, kerkelijk en vredeswerk absorbeerden mij als een spons, maar gelukkig was mijn verhaal een succesverhaal: ik slaagde, was ín behouden haven”, veilig. De koffiemok met de print “En dan is er koffie …”  had mij erdoor heen gesleept.

Het laatste decennium is café-restaurant, brasserie De Veranda mijn thuishaven: ik dineer er met dierbaren t.g.v. mijn verjaardag, vierde er mini-reünies met mijn oud-leerlingen van de Joke Smit en in de zomer ga ik borrelen, lezen, zonnen of dineren op het zonovergoten buitenterras. Mijn thuishaven, waar ik mij thuis voel, gekend en gezien wordt. Veilig geland. Wat is jouw thuishaven? Wil je haar hieronder met mij delen?

 

Jean-Paul Kruk

 

Reageren? e-mail: